2017 – Nieuwe libellensoort voor de provincie West-Vlaanderen in de Vallei van de Zuidleie: de vroege glazenmaker.

Libellen en waterjuffers zijn vliegende juweeltjes die afhankelijk zijn van open water voor hun voortplanting. Sommige stellen heel hoge eisen aan de waterkwaliteit en habitatstructuur. Uit Vlaanderen zijn in totaal 70 soorten bekend, waarvan er 5 uitgestorven zijn.  Van de resterende 65 soorten zijn er uit de provincie West-Vlaanderen 48 bekend, de rest is grotendeels tot de Kempen beperkt.

De voorbije 10 jaar zijn in de Vallei van de Zuidleie 35 soorten libellen waargenomen, of zo wat drie vierde van de soorten die in onze provincie te zien vallen. De recentste aanwinst is de vroege glazenmaker (Aeschna isoceles), meteen nieuw voor de provincie. Een exemplaar werd begin juli waargenomen langs de oude arm van de Zuidleie in de Leiemeersen. In Nederland is het een typische laagveensoort. Ze is gemakkelijk te herkennen aan het oranjebruine achterlijf en de groene ogen (zie foto). De naam verwijst naar de vroege vliegtijd (reeds vanaf eind april). In de rode lijst van de libellen van Vlaanderen uit 2006 werd de vroege glazenmaker nog gecatalogeerd als “met uitsterven bedreigd”. Maar het goede nieuws is dat de soort de voorbije jaren terug in toenemende mate wordt waargenomen en nu dus ook in West-Vlaanderen.

De meeste libellen en waterjuffers zijn goede vliegers. Dat er in onze regio in vergelijking met vroeger heel wat nieuwe soorten opduiken is in hoofdzaak te danken aan de verbetering van de waterkwaliteit en de inspanningen voor natuurontwikkeling met aanleg van nieuwe vijvers en poelen.  Ook de opwarming van het klimaat helpt een beetje:  typische zuidelijke soorten geraken in toenemende mate bij ons verzeild als zwerver of breiden actief hun areaal noordwaarts uit.

Met 35 soorten libellen en waterjuffers geldt de Vallei van de Zuidleie in West-Vlaanderen als een absoluut topgebied voor deze soortengroep, hoewel er ook zwervers tussen zitten die zich niet permanent in het gebied hebben gevestigd en dus slechts eenmalig of onregelmatig worden waargenomen.  Toch een pluim op de hoed van de Natuurpunters die zich uit de naad werken om van het gebied een pareltje te maken en een proficiat aan de vele waarnemers ! Een volledige lijst van de soorten die tot nu toe in de Vallei van de Zuidleie zijn waargenomen, vind je onderaan dit bericht. Met wat geluk mogen we in de nabije toekomst misschien nog een zestal bijkomende soorten verwelkomen die elders in de regio reeds zijn waargenomen, om zo de kaap van de 40 soorten te halen. Wie ziet de eerste Koraaljuffer, Blauwe breedscheenjuffer, Zuidelijke glazenmaker, Glassnijder, Metaalglanslibel of Zuidelijke heidelibel ?

Waargenomen soorten in de Vallei van de Zuidleie sinds 1981

Beekjuffers – Calopterygidae
Weidebeekjuffer – Calopteryx splendens (Harris, 1782)

Pantserjuffers – Lestidae
Gewone Pantserjuffer – Lestes sponsa (Hansemann, 1823)
Tangpantserjuffer – Lestes dryas Kirby, 1890
Zwervende Pantserjuffer – Lestes barbarus (Fabricius, 1798)
Tengere Pantserjuffer – Lestes virens (Charpentier, 1825)
Houtpantserjuffer – Lestes viridis (Vander Linden, 1825)
Bruine Winterjuffer – Sympecma fusca (Vander Linden, 1820)

Waterjuffers – Coenagrionidae
Lantaarntje – Ischnura elegans (Vander Linden, 1820)
Tengere Grasjuffer – Ischnura pumilio (Charpentier, 1825)
Watersnuffel – Enallagma cyathigerum (Charpentier, 1840)
Variabele Waterjuffer – Coenagrion pulchellum (Vander Linden, 1825)
Azuurwaterjuffer – Coenagrion puella (Linnaeus, 1758)
Gaffelwaterjuffer – Coenagrion scitulum (Rambur, 1842)
Grote Roodoogjuffer – Erythromma najas (Hansemann, 1823)
Kleine Roodoogjuffer – Erythromma viridulum (Charpentier, 1840)
Kanaaljuffer – Erythromma lindenii (Selys, 1840)
Vuurjuffer – Pyrrhosoma nymphula (Sulzer, 1776)

Glazenmakers – Aeshnidae
Paardenbijter – Aeshna mixta Latreille, 1805
Vroege Glazenmaker – Aeshna isoceles (Müller, 1767)
Blauwe Glazenmaker – Aeshna cyanea (Müller, 1764)
Grote Keizerlibel – Anax imperator Leach, 1815
Zuidelijke Keizerlibel – Anax parthenope (Selys, 1839)

Rombouten – Gomphidae
Plasrombout – Gomphus pulchellus Selys, 1840

Glanslibellen – Corduliidae
Smaragdlibel – Cordulia aenea (Linneaus, 1758)

Korenbouten – Libellulidae
Viervlek – Libellula quadrimaculata Linnaeus, 1758
Platbuik – Libellula depressa Linnaeus, 1758
Gewone Oeverlibel – Orthetrum cancellatum (Linnaeus, 1758)
Zwarte Heidelibel – Sympetrum danae (Sulzer, 1776)
Bandheidelibel – Sympetrum pedemontanum (Müller in Allioni, 1766)
Bloedrode Heidelibel – Sympetrum sanguineum (Müller, 1764)
Geelvlekheidelibel – Sympetrum flaveolum (Linnaeus, 1758)
Zwervende Heidelibel – Sympetrum fonscolombii (Selys, 1840)
Bruinrode Heidelibel – Sympetrum striolatum (Charpentier, 1840)
Steenrode Heidelibel – Sympetrum vulgatum (Linnaeus, 1758)
Vuurlibel – Crocothemis erythraea (Brullé, 1832)